De plaats van het product in een supermarktschap is van groot belang voor de verkoop van het product. Kleine aanpassingen in het schap kunnen zorgen voor grote effecten.
Zo besmetten niet alleen mensen elkaar, ook producten kunnen besmettelijk zijn.
Uit verschillende experimenten bleek dat producten die dicht bij onsmakelijke producten stonden (bijvoorbeeld “feminine napkins”) voor de consument minder aantrekkelijk waren dan producten die een paar centimeter van het onsmakelijk product verwijdert waren. Dit effect was langdurig: na een uur smaakten de koekjes die naast de vrouwendoekjes hadden gestaan nog steeds niet goed.
Een andere factor die van invloed kan zijn op de verkoopcijfers van het product is de plaats in het schap waar het product staat. Supers plaatsen hun huismerken op ooghoogte. Deze producten zouden dan beter verkocht worden dan de producten, veelal van sterke merken, die onderop in het schap staan.
En gelijk hebben de supermarkten, zo mag geconcludeerd worden uit onderzoek naar het gedrag van supermarktbezoekers (zie: hoe ziet een consument een product in het schap). De conclusie van het onderzoek: consumenten kopen producten die ze makkelijk kunnen vinden.
Uit neuropsychologisch onderzoek, waarin de werking van de hersenen bij merkvoorkeur blootgelegd wordt (zie: een rationele consument bestaat niet), blijkt echter wat anders. Het retailers-trucje om A-merken onder op het schap te plaatsen kan voor de A-merken een positieve bijwerking hebben. Een neveneffect waar het betreffende huismerk op termijn weleens flink last van zou kunnen krijgen.
De confrontatie met een sterk merk geeft in de hersenen een emotioneel signaal af. Hoe positiever dit signaal hoe hoger voorkeur. Confrontatie met de productgroep activeert een zelfde signaal. En wel voorbewust. De voorkeur voor het A-merk doet de consument eerst figuurlijk en dan letterlijk door de knieën gaan. Op dat moment is men bewust en actief met het merk bezig. Een activiteit waarvan sinds kort bekend is dat het de breinpositie verbetert en zelfs tot ingesleten patronen kan leiden.
Het dagelijks bewijs van dit inzicht vind je wellicht bij een ongedifferentieerd product als Calvé pindakaas. In elke supermarkt moet dit A-merk het opnemen tegen telkens weer een ander huismerk. En zelden staat de Calvé op ooghoogte. Prijs, schappositie, aanbiedingen of acties ten spijt, het marktaandeel is in de loop der jaren stapje voor stapje gegroeid naar 60%. Calvé is daarmee een superbrand: premium priced én marktleider.
Dus dames en heren A-merkhoeders, u heeft pas echt zorgen als uw product weer op ooghoogte staat en de inkoper om meer korting vraagt.
Met een login kun je automatisch reageren, krijg je toegang tot extra content en profiteer je van leuke kortingen. Nog geen login? Registreer nu!
Alleen voor leden:
Laatst toegevoegde download: Logo’s leren lezen
Speciale aanbieding: Kom ook naar Digitaal Willen We Allemaal!


Beste Walter,
ik vind je conclusie nogal kort door de bocht. De door jou aangehaalde onderzoeken bewijzen niet je stelling, of hebben een geheel andere focus dan schapposities.
Ik heb op het weblog van POPAI Benelux uiteengezet waarom ik het niet met je eens ben. Ik kijk uit naar je reactie.
Vriendelijke groeten,
Gerrit Jan Lutkehaus
POPAI Benelux
Gerrit Jan Lutkehaus
din 02 feb 2010, 12:46
Beste Gerrit Jan, bedankt voor je uitgebreide reactie. Ik zal even uitleggen hoe ik op mijn conclusie ben gekomen. Ik wil voorop stellen dat mijn conclusie niet onderzocht is, het is een conclusie die ik trek uit twee onderzoeken. Het eerste onderzoek toont aan dat een merk een emotionele, voorbewuste voorkeur kan uitlokken. Het tweede onderzoek toont aan dat het bezig zijn met stimuli (of dat nou ratten zijn die in een stimulerende omgeving leven, of een jongleur die leert jongleren) zorgt voor versterking van associaties in de hersenen. Hoe vaker associaties (een bundeling van neuronen/hersencellen) worden gestimuleerd, hoe sterker de associaties in de hersenen worden opgeslagen. Activatie van de associaties zorgt voor een betere geheugenopslag. Met een merk bezig zijn zorgt ervoor dat de top-of-mind awareness wordt vergroot. TOM awareness is weer sterk gecorreleerd met merkkeuze en -voorkeur.
Dus je loopt een supermarkt binnen, denkt aan een productcategorie (pindakaas), loopt naar het pindakaasschap en ziet je pindakaas niet op ooghoogte staan. Je voorkeur dwingt je om door de knieën te gaan, waardoor je bewust met het merk bezig bent. Dit zorgt ervoor dat het merk in je geheugen wordt versterkt. Het resultaat is een nog grotere merkvoorkeur.
Walter Limpens
din 02 feb 2010, 14:55