André van Duin is het sterkste merk binnen de nationale cultuursector. Ook Linda de Mol en Simone Kleinsma scoren hoog op de ranglijst van sterkste cultuurmerken.
Het Anne Frank Huis neemt onder de cultuurorganisaties de sterkste positie in.
Dit blijkt uit een merkenonderzoek in de cultuursector onder 2.000 respondenten door Hendrik Beerda Brand Consultancy.
Bekende Nederlanders scoren natuurlijk het hoogst; in de top-10 van sterkste cultuurmerken staan negen personen. Bij de metingen in 2006 en 2008 stonden respectievelijk Marco Borsato en Herman Finkers op de eerste plaats.
Hermitage Amsterdam en Paleis Het Loo zijn de nieuwkomers
Opvallende nieuwkomers binnen de top-150 van sterkste cultuurmerken zijn de Hermitage Amsterdam en Paleis Het Loo. In een half jaar tijd heeft de Hermitage ruim 700.000 bezoekers getrokken en een sterke reputatie opgebouwd onder de Nederlandse bevolking.
Acda en De Munnik en Herman van Veen grootste dalers
Het duo Acda en De Munnik zakte in twee jaar tijd van de 13de plaats naar een plek buiten de top-150. Ook Herman van Veen, die dit jaar zijn 65ste verjaardag vierde, zakte aanzienlijk. In 2008 stond hij nog op de 7de plek, maar ook hij is niet meer terug te vinden in de top-150

Anne Frank Huis op de eerste plaats onder jongeren
Opvallend is de sterke positie van het Anne Frank Huis onder jongeren. Het museum staat voor hen op de eerste plaats, gevolgd door Bløf en Marco Borsato. De top-3 van sterkste cultuurmerken bestaat bij senioren uit André van Duin, André Rieu en Johnny Kraaijkamp senior.
Top-10 van sterkste merken in de Nederlandse cultuursector
1. André van Duin
2. Anne Frank Huis
3. Linda de Mol
4. Simone Kleinsma
5. Johnny Kraaijkamp senior
6. Marco Borsato
7. Guus Meeuwis
8. Ilse de Lange
9. André Rieu
10. Monique van de Ven
Voor het onderzoek zijn ruim 2.000 respondenten in twee fases ondervraagd. Eerst is de spontane bekendheid van de duizenden merken in de cultuursector onderzocht. Daarna is voor de 150 bekendste merken in detail navraag gedaan naar de merkkracht, merkpersoonlijkheid en merkprestatie. Met het onderzoek zijn de reputatie van alle Nederlandse acteurs, beeldend kunstenaars, bioscopen, cabaretiers, dansers, dansgezelschappen, festivals, musea, monumenten, musici, muziekgezelschappen, ontwerpers, podia, theater- en operagezelschappen en zangers gemeten.
Met een login kun je automatisch reageren, krijg je toegang tot extra content en profiteer je van leuke kortingen. Nog geen login? Registreer nu!
Alleen voor leden:
Laatst toegevoegde download: ‘Haal de band aan met je kijker en lezer’
Speciale aanbieding: Molblog op Linkedin, Twitter en Facebook:

Vind ’t een merkwaardig lijstje. Snap namelijk niet dat het Anne Frank huis op 1 staat onder jongeren. Daarnaast begrijp ik niet dat Monique van de Ven op 10 staat en namen als Herman van Veen en Acda en de Munnik niet eens in de top 150 terecht komen. Waar staat bijvoorbeeld Paul de Leeuw in dit lijstje? Hij is toch ook zanger? Zijn bekendheid en merkwaarde worden volgens mij wel verstevigd door zijn televisieperformance. Ben eigenlijk wel benieuwd naar de gehele top 150.
Rogier S.
Wed 31 Mar 2010, 16:45
Zo te zien is hier de bekendheid van cultuurinstellingen en -initiatieven gemeten, wellicht met voorkeur toegevoegd. Behalve vragen over de meetwijze en de ranking, kan er ook een meer fundamentele vraag gesteld worden: zijn dit wel merken?
Er zijn twee onderstromen waar te nemen. De ene: alles is een merk. De andere: alles wat merk is, riekt naar exploïtatie.
De definitie van merk verwijst naar een merkhouder die de merkkenmerken als enige kan inzetten voor handelsdoeleinden. Daarvoor moet er iets onderscheidends zijn (een naam, een beeld, een geluid, etc), iets geregistreerd worden en iets vervolgens beschermd tegen misbruik. Dat draait dus om controle. Gij zult mijn goede naam niet bedoezelen.
Daar staat een veel opener benadering tegenover. Een museum, een actrice, een band, een ministerie en (waarom niet) een bank en een wasmiddel of pindakaas zien zichzelf gewoon als actoren in het publieke domein. Ze leggen hun reputatie in de handen van de fans, de klanten, de gebruikers, de bezoekers en desnoods de kritici.
Een prachtig voorbeeld is HEMA dat aanvankelijk met huiver reageerde op een arabische variant, om vervolgens 180' te draaien en dat initiatief te steunen - met gepaste reserve.
Volgens mij zijn cultuurinitiatieven veel beter in deze open benadering, en dus kunnen de klassieke fabrieksmerken misschien iets leren van popmusici en komedianten. Vergeet dat merk en wordt weer gewoon pindakaas!
Toine v/d Heijden
Wed 31 Mar 2010, 18:16
Als reactie op de opmerking van Rogier S.: uit het Cultuursector Merkenonderzoek in de Metropool Amsterdam van 2009 bleek ook al dat het Anne Frank Huis zo sterk gewaardeerd wordt onder jongeren. Het beleid van het Anne Frank Huis om het verhaal van Anne Frank continu actueel te houden slaagt kennelijk goed. Verder zal waarschijnlijk meespelen dat het verhaal van Anne Frank een onderdeel is van de opvoeding/scholing van Nederlandse jongeren.
Wat betreft de vraag over de positie van Paul de Leeuw in de top-150 van sterkste cultuurmerken: hij staat op plaats 13.
Reagerend op de opmerking van Toine v/d Heijden: voor de term 'merk' hanteer ik de volgende definitie: een naam met een reputatie. Merken en exploitatie zijn wat mij betreft dus twee zaken die niet altijd samenvallen. Als prive-persoon werk je (wellicht alleen onbewust) ook aan je reputatie en dus aan je merk.
Hendrik Beerda
Thu 01 Apr 2010, 7:53
Exploitatie is voorwaarde voor merk (anders verwatert het), niet voor reputatie. Een merk koop je, een reputatie verdien je. Anders zouden we niet spreken van merkreputatie. Blijkbaar kan een merk een reputatie opbouwen. Of daar niet in slagen. Ook zonder reputatie blijft een merk echter een merk.
Voor dit onderzoek is zo'n begripsomschrijving echter wel begrijpelijk. Je kan musea afmeten aan hun merkkracht, net zoals je musea kan vergelijken op verbruik van toiletpapier.
Toine v/d Heijden
Thu 01 Apr 2010, 14:03